Inhoudsopgave
Waar helpt Akineton voor?
Artsen schrijven het voor bij bewegingsstoornissen veroorzaakt door medicijnen, – zeer zelden – bij de ziekte van Parkinson en bij speekselvloed bij ALS.
- Bewegingsstoornissen door geneesmiddelen. Verschijnselen.
- Ziekte van Parkinson.
- Overmatige speekselvloed.
Hoelang werkt Akineton?
Meestal gebruikt u dit medicijn gedurende enkele dagen tot weken tot de bewegingsstoornissen over zijn. In een enkele geval heeft u het medicijn langer nodig, overleg hierover met uw arts. Uw arts zal regelmatig het effect van dit medicijn met u bespreken.
Hoe lang werking Akineton?
Kinetische gegevens
| F | ca. 33% door ‘first pass’-effect. |
|---|---|
| Eiwitbinding | 93–94%. |
| Metabolisering | bijna volledig, door hydroxylering. |
| Eliminatie | als metaboliet voor de helft met de urine. |
| T 1/2el | in ‘steady state’ 16–33 uur, bij ouderen 26–40 uur, i.v. gemiddeld 24 uur. |
Hoe werkt Akineton?
Akineton hoort tot de groep van de zogeheten anticholinergica. Het is werkzaam tegen verschijnselen als abnormale bewegingen, stijfheid en trillen. Deze verschijnselen komen voor bij de ziekte van Parkinson of na het gebruik van bepaalde geneesmiddelen.
Wat is Akineton werkzaam tegen?
Akineton hoort tot de groep van de zogeheten anticholinergica. Het is werkzaam tegen verschijnselen als abnormale bewegingen, stijfheid en trillen. Deze verschijnselen komen voor bij de ziekte van Parkinson of na het gebruik van bepaalde geneesmiddelen.
Wat is Akineton geneesmiddel?
Akineton is een geneesmiddel (o.a. in tabletvorm) dat als werkzame stof biperideen bevat. Het middel vermindert stoornissen in de spier – en zenuwfunctie zoals: stijfheid (rigiditeit), gebrek aan bewegingsvermogen (akinesie) en in geringe mate trillingen (tremoren).
Wat is Akineton in de moedermelk?
Akineton gaat over in de moedermelk. Rijvaardigheid en het gebruik van machines. Akineton kan een verminderd reactievermogen bij u veroorzaken als gevolg van het optreden van bijwerkingen als duizeligheid en verwardheid, wazig zien, enzovoorts (zie rubriek 4. “Mogelijke bijwerkingen”).