Waarom seizoensgebonden groenten eten?

Waarom seizoensgebonden groenten eten?

Fruit en groenten uit de buurt en in het seizoen hebben een lagere ecologische voetafdruk. De producten leggen minder kilometers af van boer tot bord, er zijn geen verwarmde serres nodig, dat betekent minder CO2 én je ondersteunt de lokale economie.

Waarom is het belangrijk om rekening te houden met seizoensproducten?

Eten volgens de seizoenen is een handige manier om variatie te brengen in het menu. Variatie is belangrijk omdat niet elke groente- en fruitsoort dezelfde vitaminen, mineralen en bioactieve stoffen bevat. De ene soort brengt wat meer bèta-caroteen aan en de andere wat meer vitamine C.

Waarom is het belangrijk om seizoensgroenten te gebruiken?

Het mag duidelijk zijn: seizoensgroenten eten is niet alleen lekker. Omdat ze van lokale teelt afkomstig zijn, zijn seizoensgroenten ook veel beter voor het milieu. En niet te vergeten: ook je portefeuille vaart er wel bij. Eet je groenten in hun oogstseizoen, dan betaal je een stuk minder.

Waarom moet je seizoensfruit eten?

Fruit is gezond, maar seizoensfruit is nóg gezonder! Doordat de vruchten zeer kort na het plukken voor je klaarliggen in je SPAR, zitten ze boordevol vitamines en mineralen. Door ieder seizoen te eten wat de (lokale) natuur te bieden heeft, probeer je automatisch meer verschillende producten uit.

Wat zijn de seizoensgroente in de zomer?

Seizoensgroente in de zomer (juli-augustus-september) Andijvie. Bleekselderij. Bloemkool. Bospeen. Bosui. Broccoli.

Welke groenten zijn in de seizoensgroenten?

De volgende groenten zijn in de verschillende jaartijden seizoensgroenten: Seizoensgroente in de herfst (oktober-november-december) Aardpeer. Andijvie. Bosui. Bloemkool. Boerenkool. Broccoli. Chinese Kool.

Wat zijn de seizoensgroenten voor de herfst?

Aanvullende seizoensgroenten voor de herfst (herfstgroenten): aardappelen, andijvie, bieten, bleekselderij, broccoli, groenlof, knoflook, knolselderij, kool, pastinaak, pompoen, prei, rammenas, schorseneren, veldsla, venkel, wortelpeterselie en wortels. 4. Winter: winterfruit & wintergroenten