Inhoudsopgave
Wat zegt een Chi Square test?
Een chi-kwadraattoets is in de statistiek een toets om na te gaan of twee of meer verdelingen (populaties) van elkaar verschillen. Het kan daarbij gaan om een bekende verdeling en een onbekende waaraan waarnemingen zijn gedaan of om twee onbekende verdelingen waaraan waarnemingen zijn gedaan.
Kan Chi-kwadraat negatief zijn?
De formule wordt bij beide chi-kwadraat toetsen gebruikt, maar kent een andere uitwerking. Bij beiden is het wel zo dat de uitkomst nooit negatief kan worden, door de de W-V kwadrateert.
Wat toets je met Chi-kwadraat?
De Chi square toets kun je gebruiken om te testen of groepen van elkaar verschillen (bijvoorbeeld leden van drie politieke partijen) op basis van een categorische variabele (bijvoorbeeld twee categorieën over de aanleg van een vliegveld: voor en tegen).
Hoe interpreteer je een chi-kwadraat?
Het uitvoeren van de chi-kwadraat toets: Analyze > Descriptive Statistics > Crosstabs. Zet de variabele waarvan je de groepen wilt vergelijk in de box ‘Column(s)’; in dit geval is dat de variabele conditie. Zet de variabele waarop je wilt vergelijken in de box ‘Row(s)’; in dit voorbeeld geslacht.
Hoe interpreteer je de Chi-kwadraat?
Als SPSS weet hoe de data in elkaar zit, kun je de analyse doen. Ga naar Analyze → Descriptive Statistics → Crosstabs. Voer elk van de variabelen in bij een van de vakjes Row(s) en Column(s) en klik onder Statistics het vakje Chi-Square aan. Klik ook onder Cells de vakjes Observed en Expected aan, run hierna de syntax.
Hoe werkt Chi-kwadraat tabel?
Bij de chi-kwadraat voor samenhang wordt het aantal vrijheidsgraden bepaald door de tabel: df = (kolommen – 1) x (rijen – 1). De alfa mag, net zoals bij de chi-kwadraat voor verdelingen, zelf gekozen worden. Vaak wordt er gekozen voor 1% of 5%. Vaak is er bij samenhang sprake van een tweezijdige toets.